Eerder gepubliceerd in de 'Meppeler Courant'.

november 2009

Kindermishandeling krijgt een gezicht

Kees Opmeer beschrijft de gruwelijke ervaringen van dappere kinderen


Als er voetstappen op de trap klinken, begint zijn hart als een gek te bonken. Hij weet precies wat er gaat gebeuren. De deur zwaait open. Zwijgend klemt zijn vader hem bij zijn arm vast. Hij trekt hem mee de trap af. Edwin hoort hem vlakbij zijn oor als een wild dier snuiven. Middenin de kamer blijven ze staan. 'Door deze jongen,' zegt zijn vader met een stem die van woede trilt, 'door deze jongen zou ik bijna gaan vloeken. Heer, vergeef me. Ik moet deze jongen wel slaan.'

Deze passage is afkomstig uit 'Voetstappen op de trap' van schrijver Kees Opmeer, dat onlangs verscheen bij uitgeverij 'Van Gorcum'. Het is meer dan een jeugdboek. In 16 korte verhalen maakt de lezer kennis met evenveel slachtoffers van kindermishandeling. Zij waren zo dapper om hun ervaringen aan Kees te vertellen. Hij luisterde, maakte aantekeningen en componeerde zijn boek, dat elke lezer tot in zijn diepste gevoel raakt.

Kees Opmeer

Kees Opmeer (57) is naast kinderboekenschrijver beleidsmedewerker Jeugdzorg in Assen. Drie dagen per week is hij op het Provinciehuis te vinden. Veel van zijn 'vrije'tijd besteedt hij aan het bezoeken van kinderen op scholen en bibliotheken en aan het beantwoorden van de stapels post, die hij van zijn jonge lezers ontvangt. In zijn werkkamer in Ruinen vertelt Kees met warme stem over zijn werk, zijn drijfveren, zijn gezin en zijn eigen jeugd.

Kees wil met 'Voetstappen op de trap' kindermishandeling een gezicht geven.
'Mishandeling van kinderen bestaat al net zolang als de mensheid', vertelt Kees. 'We proberen er van alles aan te doen, maar het verdwijnt niet. Het is een gemeenschappelijke verantwoordelijkheid, maar die wordt lang niet altijd zo gevoeld. Mensen willen hun handen er vaak niet aan branden'.

Waarom durven mensen een geval van mishandeling vaak niet te melden?
'Mensen willen zich niet met de opvoeding van anderen bemoeien. Ze vragen zich ook af of het wel waar is. Ik heb wel verhalen gehoord van een school waar de leerkrachten zich erg zorgen maakten over een kind. Ze hebben een melding gedaan en toen bleek het niet waar te zijn. Sindsdien voeren ze daar een heel terughoudend beleid'. Volgens Kees houden kinderen de mishandeling vaak geheim, wat hulpverlening moeilijk maakt. 'Het komt voor dat slachtoffers door hun dader bedreigd worden. Schaamte kan ook een grote rol spelen. En kinderen worden als het ware gehersenspoeld met het idee dat het hun eigen schuld is. Als ze van jongs af aan mishandeld worden, weten ze niet beter. Ze denken dat het zo hoort, ze hebben geen vergelijk'.

'Voetstappen op de trap' is geen handleiding voor hulpverleners. Toch heeft Kees via de uitgever gehoord dat opleidingen er als lesmateriaal mee gaan werken. 'Uit de beschreven ervaringen kun je signalen leren oppikken. Je krijgt een notie van hoe kinderen er zelf tegenover staan'.

Het boek kan ook steun bieden aan kinderen die op dit moment mishandeld worden. Kees vertelt dat dit voor de meeste slachtoffers die hij interviewde de motivatie was om mee te doen. 'Wat ook frappant was, maar eigenlijk niet verrassend,', vertelt Kees, 'was dat ze zeiden: 'Als het boek klaar is, ga ik ermee naar mijn vader, of naar mijn opa'. Ze wilden de dader ermee confronteren, als genoegdoening. Eigenlijk willen slachtoffers maar één ding horen: 'Het spijt me'. Maar die woorden komen meestal niet. Daders hebben vaak hun eigen ding bedacht, waardoor het niet hun schuld is. Ze zijn vroeger zelf mishandeld, hebben een slecht huwelijk, of ze zeggen: 'Jij was vervelend' Ook kunnen daders zich achter het geloof verschuilen. In de Bijbel staat immers dat je je kinderen mag kastijden'.

In het boek identificeren we ons met het slachtoffer. Maar zit in ons allemaal misschien iets van een dader?
'Toen ik pas kinderen had en full-time werkte, was het wel eens moeilijk 's avonds. Als het dan erg druk was, raakte ik geïrriteerd. Ik had dan soms de neiging om een tik te geven, heb dat ook wel eens gedaan. Er zat gelukkig een dikke luier tussen. Ik werd dan gecorrigeerd door mijn vrouw Lieneke en door mijn kinderen zelf. Je voedt elkaar op, het is geen eenrichtingverkeer. Je moet ook leren om vader te zijn. Opvoeden is grenzen stellen, aan je kinderen, maar ook aan jezelf. Er zijn andere manieren dan een tik. Ik kan me voorstellen dat in iedereen wel iets van agressie zit, van drift en onbeheerstheid. Het is een kwestie van beschaving om daar verstandig mee om te gaan. Als je in een heel gesloten gezin opereert en je bent zelf slachtoffer geweest, misschien is mishandeling dan wel de enige taal die je begrijpt'.

Denk je dat je boek de geïnterviewde slachtoffers heeft geholpen bij hun verwerking?
'Ja, dat weet ik zeker. Alleen de gesprekken al. Ik zoomde erg in op details, dat was voor mijn verhaal belangrijk. Daardoor kreeg je andere gesprekken dan je met hulpverleners hebt'.

Verschillende verhalen uit 'Voetstappen op de trap' hebben een open einde. Als lezer wil je graag weten of de kinderen uit het boek aan de verschrikkelijke situatie hebben kunnen ontsnappen. Kees legt uit dat verschillende geïnterviewden volwassenen zijn, die hem hun jeugdervaringen vertelden. Anderen zijn nog kind en zitten nu middenin het traject van hulpverlening.

Kees vertelt dat de gesprekken voor hem zelf ook behoorlijk heftig waren. 'Het was soms heel moeilijk, echt slikken. Ik probeerde mijn emoties weg te stoppen. Ik verborg me dan achter mijn schrijfblok. Ik geloof dat ik niet zo dapper ben met het tonen van gevoelens. Daarom ben ik misschien wel boeken gaan schrijven. Dat is mijn manier om mijn emoties te uiten'.

Dochter Marieke (27) is beroepsfotograaf en zij maakte de foto's voor 'Voetstappen op de trap'. Bij veel gesprekken was ze aanwezig. Kees heeft haar aanwezigheid als steun ervaren. 'Op de terugweg zetten we de radio in de auto lekker hard aan, om ons even af te reageren', zegt Kees. Ook kreeg hij begeleiding van collega Geeske Kragt en Ellen Janssen van het Advies- en Meldpunt Kindermishandeling. Thuis werd met echtgenote Lieneke en de andere dochters Marloes (24) en Annelies (21) stevig nagepraat om alles te verwerken.

Hoe was de samenwerking met je dochter Marieke?
'We hadden soms pittige discussies. Dat komt doordat we allebei behoorlijk eigenwijs zijn. Zij kijkt heel beeldend als fotograaf en ik ben meer op de tekst gericht. Het was belangrijk dat tekst en foto elkaar ondersteunden. Die combinatie moest een meerwaarde betekenen. Maar we kwamen er altijd uit'.

Kees vertelt dat hij zelf een leuke en veilige jeugd heeft gehad. Hij groeide op in Voorburg in een kinderrijke volkswijk. Zijn vader was postbode, zijn moeder verzorgde het huishouden en Kees en zijn drie jongere broers. 'We waren boefjes. Als er kattenkwaad was uitgehaald, werd er gezegd: 'Dat hebben de Opmeertjes weer gedaan'. Bij ons was het huis altijd de zoete inval. We hadden al vroeg een tv. Mijn moeder maakte een grote salade en dan kwam de hele buurt meekijken. De salade was al op voor je er naar kon kijken'.

Als kind droomde Kees nog niet van een carrière als schrijver. Hij was vooral gericht op voetballen in de straat. Zijn zakgeld gaf Kees uit aan pocketboekjes, iets wat zijn vriendjes niet begrepen. Daar hoorde je toch snoep van te kopen? Na de zomervakantie moest Kees steevast in de klas een opstel schrijven over zijn belevenissen. Omdat het gezin niet echt rijk was, waren er geen spectaculaire vakanties te beschrijven. Kees liet dan zijn fantasie de vrije loop. Helaas werd dit door de juffrouw niet gewaardeerd. Het verhaal moest van haar wel echt gebeurd zijn.

Vanaf het moment dat Marieke, Marloes en Annelies de 'voorleesleeftijd'hadden, begon Kees weer te fantaseren. Als een voorleesboek zijn kinderen niet aansprak, maakte hij er zelf een mooier verhaal van. Tot op de dag van vandaag vormen Lieneke en de drie dochters een kritisch redactiegroepje dat de teksten van Kees beoordeelt. 'Ik vraag ze om me daarbij niet te sparen', vertelt Kees.

'Voetstappen op de trap'is de 26ste titel die van Kees' hand is verschenen. Er ligt ook alweer een 'gewoon' kinderboek op de plank, met als titel: 'Onzichtbaar'. Het verschijnt komend voorjaar. Met dochter Annelies werkt Kees aan een boek over voetbal. Ondertussen puzzelt hij aan het plot van een historische jeugdroman. Annelies helpt met de research. Met Marieke als fotograaf plant hij een nieuw project: Een serie portretten en persoonlijke verhalen van cliënten van 'Phusis', die op de website van deze stichting worden gepubliceerd. De redactiegroep in huize Opmeer kan veel werk tegemoet zien. Kees: 'We zijn eigenlijk een soort familiebedrijfje'

Webworks by TLN Webdesign